In Zeehondencentrum Pieterburen streven we naar het welzijn van zowel de zeehonden in het wild als in de opvang te waarborgen. Daarom doen wij wetenschappelijk onderzoek naar de wilde zeehonden en ons proces in de opvang. De resultaten hiervan vertalen zich naar meer inzicht in hoe de wilde zeehonden zich gedragen, hoe hun ecosysteem er aan toen is, hoe we kunnen voorkomen dat ze in de problemen komen en mocht dat laatste wel gebeuren, hoe wij ze van de best mogelijke zorg kunnen voorzien aan de hand van de nieuwste inzichten in diergeneeskunde. Al onze resultaten delen we dan weer met onze collega’s over de hele wereld, zodat het ook ten goede komt aan zeehonden en de zee elders.

 

Virussen blijven probleem voor zeehonden

Door uitgebreid wetenschappelijk onderzoek van onder andere Zeehondencentrum Pieterburen is gebleken dat de zeehonden populatie in de Waddenzee weer gevoelig is voor een virus infectie. Een uitbraak ligt dus op de loer en deze boodschap zet het centrum kracht bij door het lanceren van een mini documentaire tijdens het nationale Weekend van de Wetenschap. Juist in de herfst en winter vraagt zij het publiek extra alert te zijn op zwakke dieren, maar afstand te bewaren. Lees hier het hele artikel: Virussen blijven probleem voor zeehonden.
 


Recentelijk onderzoek: gedrag van zeehonden in de Dollard

Na 2 jaar wetenschappelijk onderzoek door de biologen Beatriz Rapado Tamarit en Marga Mendez Arostegui van het Zeehondencentrum in Pieterburen onder begeleiding van Professor Ton Groothuis, hoogleraar gedragsbiologie aan de universiteit Groningen, zijn de eerste resultaten van het onderzoek naar het gedrag van zeehonden bekend. De uitkomsten hebben belangrijke consequenties voor de zeehondenopvang. Lees hier het artikel: Zeehondenpups hebben behoefte aan rust, geen opvang.. 


Verschillende onderzoeken

Bij het onderzoek naar wilde zeehonden kun je bijvoorbeeld denken aan dat we bijhouden hoeveel zeehonden in de problemen komen door verstrikking in visnetten. Of hoeveel plastic ze in hun maag hebben. Ook houden we door middel van bloedonderzoek bij wat voor virussen en andere pathogenen in de populatie voorkomen. Op deze manier houden we een vinger aan de pols hoe het gaat met niet alleen de zeehonden, maar ook hun leefomgeving, de zee. Anderzijds zijn we ook het gedrag van moeders en hun pups nauwkeurig aan het bijhouden, zodat we meer inzicht krijgen in wanneer een pup echt verweesd is en wanneer er kans is dat de moeder weer terug komt. We doen dit dus met het oog op dat we er in geloven dat de beste plek voor de zeehond een gezonde zee is en dat we onnodige opvang willen voorkomen.

 

Onderzoek en opvang

Mocht die opvang nodig zijn, dan staat ons team van dierenartsen en verzorgers klaar om de dieren van de best mogelijke zorg te voorzien. Deze zorg kan steunen op protocollen die continue worden aangepast aan de nieuwste inzichten. Net zoals dat gebeurd in een ziekenhuis voor mensen. Zo is een belangrijk onderdeel in de zorg voor wilde dieren het feit dat ze in een niet-natuurlijke omgeving worden opgevangen en ze de verzorgers vaak als bedreiging zien, wat veel stress voor de dieren mee brengt. Deze stress komt het herstel van het dier niet ten goede. We doen dus onderzoek naar hoe we deze stress kunnen verlagen door ingrepen bij de dieren zo kort mogelijk kunnen uitvoeren en hoe we hun verblijven zo kunnen inrichten dat ze zich er beter in voelen, zonder dat dit ten koste gaat van de kwaliteit van de zorg. In al deze onderzoeken richten we ons dus op de dieren weer zo snel mogelijk gezond en sterk in hun natuurlijke omgeving kunnen vrijlaten.

 

Samenwerkingen wetenschappelijk onderzoek

In dit alles kunnen we steunen op twee belangrijke adviesorganen: de Veterinaire, Ethische en Wetenschappelijke Advies Commissie (VESAC) en de Operationele Veterinaire Advies Groep (OVAG). Beide adviesorganen bestaan uit specialisten op hun vakgebied die vrijwillig hun expertise aan ons mee geven om onze zorg en onderzoeken zo goed mogelijk te laten verlopen. Dit brengt samenwerkingen met zich mee met Universiteiten in Groningen, Utrecht, Rotterdam, Leiden en Hannover. Deze samenwerkingen leiden tot vele wetenschappelijke publicaties, waarmee we onze inzichten en kennis weer met de hele wereld delen.