Plastic soep is een term voor (grote) hoeveelheden plastic afval die in zeeën en oceanen drijven. Het plastic afval bestaat uit polymeer, de toevoegingen die het tot een plastic maakt zijn vaak giftige stoffen die deze kunststof niet of nauwelijks afbreekbaar maakt. Een plastic waterflesje wordt bijvoorbeeld van polyethyleentereftalaat (PET) gemaakt, dat bijna niet afbreekbaar is. Onderstaand zie je hoelang het duurt voordat een flesje is afgebroken in de natuur, met ander woorden voordat het plastic helemaal verdwenen is. Het plastic afval is hiermee een groot probleem en een bedreiging voor al het leven in het water.

Oceanograaf Charles Moore ontdekte in 1997 tijdens het zeilen op de Stille Oceaan plastic vuilnisbelten en noemde dit als eerste ‘Plastic Soup’. Bij de onderzoeken die volgde werden er nog meer plastic vuilnisbelten ontdekt in de Stille Oceaan, Atlantische Oceaan en in de Indische Oceaan.

Zeedieren zoals zeehonden en zeevogels hebben niet altijd het vermogen om plastic afval en voedsel te onderscheiden. Hierdoor eten dieren als zeehonden en zeevogels plastic en raakt de maag verstopt waardoor verhongering of vergiftiging ontstaat.

Met een groeiende economie en consumptie zal er naar verwachting ook steeds meer plastic in de omloop zijn. Een concrete oplossing is er helaas nog niet, wel zijn er verschillende initiatieven die plastic soep opruimen zoals de startup Ocean Cleanup. Bedrijven worden ook steeds bewuster in het produceren van materialen en producten en kiezen er voor om maatschappelijk verantwoord te ondernemen.