In 1997 zeilde Oceanograaf Charles Moore van Hawaii naar Zuid Californië waarbij hij een ongebruikelijke route nam dwars door een gyre in het noorden van de Stille Oceaan. Een gyre is een grote cirkelvormige beweging van oceaanwater wat veroorzaakt wordt door het draaien van de aarde in combinatie met bepaalde zeestromingen. Hier zag Moore dagelijks stukken plastic langsdrijven. Toen hij terugkeerde om meer onderzoek te doen ontdekte hij dat hier een grotere hoeveelheid plastic dreef dan op andere plekken in de oceaan. Ook zag hij dat het plastic niet alleen op de oppervlakte dreef, maar ook in de waterkolom werd voortgestuwd. Moore noemde dit fenomeen de ‘plastic soep’, een term die tot de dag van vandaag over de hele wereld wordt gebruikt.

Tegenwoordig wordt er zelfs gesproken van een plastic bouillon! Dit komt doordat er vanuit huishoudens steeds meer microplastics in het milieu terechtkomen. De vezels uit synthetische kleding en de microbeads uit persoonlijke verzorgingsproducten komen via de wasmachine en de gootsteen zo in het riool terecht. Ze zijn vervolgens te klein om door waterzuiveringsinstallaties eruit te worden gefilterd, waardoor het uiteindelijk in het milieu terechtkomt.

Naar inschatting bestaat de plastic vuilnisbelt in de Stille Oceaan uit meer dan 500 miljoen ton aan plastic en afval, dit is Nederland keer 34! Van al het afval in de oceanen komt 20%-25% van scheepvaart en visserij en het overige van het vaste land.

Plastic soep in Nederland

In Nederland zien we plastic soep voornamelijk terug in twee zeeën namelijk de Noordzee en de Waddenzee maar ook op het strand van bijvoorbeeld Scheveningen en Zandvoort. Het strandafval in Nederland komt 44% van de scheepvaart en visserij, 30% door strandtoerisme en 26% is onbekend. Opvallend is dat Nederlanders in vergelijking met de gemiddelde Europeaan meer afval produceert. Het gemiddelde ligt op 481 kilo huisvuil terwijl Nederlanders op gemiddelde van 550 kilo huisvuil zit.