Onder Otariidae verstaan we de veertien soorten oorrobben. Deze familie wordt onderverdeeld in pelsrobben en zeeleeuwen, die qua uiterlijk en genetisch erg op elkaar lijken. Ze komen in de gehele Stille oceaan en in het zuiden van de Atlantische oceaan voor.

zeeleeuw 1Zoals de naam al doet vermoeden, hebben de Otariidae wel uitwendige oorschelpen. Oorrobben hebben lange snorharen die soms tot voorbij de oren kunnen groeien. Hun lange, slanke achterflappen kunnen onder hun lichaam gevouwen worden. Doordat ze zichzelf op hun flappen kunnen ondersteunen, kunnen zeeleeuwen en pelsrobben zich op land goed voortbewegen, veel beter dan zeehonden.

Hun vacht is relatief lang, waardoor bij mannetjes soms “manen” vormen rondom de nek. De mannetjes worden ook een stuk groter dan de vrouwtjes, waardoor die vrij makkelijk te onderscheiden zijn.

zeeleeuwen 1Zeeleeuwen en pelsrobben zijn sociale dieren, en leven vaak tijdens het paarseizoen in grote groepen op het land. Mannetjes vechten om stukjes land op de kust en om het recht te hebben met de aanwezige vrouwtjes te paren. Ze eten tijdens het paarseizoen niet en blijven op het land liggen om af en toe rivaliserende mannetjes af te schrikken en te vechten en zo hun harems bijeen te houden.

zeeleeuwen 1Vrouwtjes komen in die periode ook bijeen om pups te krijgen en te verzorgen. Die pups blijven na de geboorte zo’n negen tot twaalf maanden bij de moeder om gezoogd te worden en te leren zwemmen en jagen. Na zo’n acht jaar zijn alle dieren wel geslachtsrijp en klaar om te paren. In de Otariidae familie worden de vrouwtjes zo’n 20-25 jaar, terwijl de mannetjes 18-20 jaar kunnen worden.